Je hebt een resem bulpboeren gerekruteerd, drie prachtige varkens in een weide met stal staan en tal van voedsel verzameld, maar hoe voeder en verzorg je de varkens nu?

Voederen

Je kan hier een handleiding downloaden die verspreid werd onder onze hulpboeren voor het voederen van varkens. Het opmaken van zulke handleidingen en deze verspreiden via communicatietools zoals mail of facebook zorgt ervoor dat iedereen steeds op de hoogte blijft.

  • Geef tweemaal per dag voedsel: ’s ochtends en ’s avonds. Naar het einde van het proces toe, wanneer je de varkens ongeveer zes maanden hebt, eten ze zoveel dat je ze drie keer per dag voedsel kan geven (’s ochtends – ’s middags – ’s avonds)
  • Hou een logboek bij waarin je noteert wat je aan de varkens gegeven hebt, bv. brood, yoghurt, fruit, groenten, bereide maaltijden, etc. Iedere hulpboer kijkt voor zijn shift wat de varkens de vorige keren gekregen hebben, zodat er voldoende afwisseling is en ze alle nodige voedingsstoffen binnen krijgen.
  • De biggen die je van de varkensboer ontvangt, hebben waarschijnlijk alleen nog maar meelpap gegeten. Het lekkere eten dat je hen aanbiedt, kennen ze niet en zal hen niet interesseren. Lees in de handleiding Meel mengen hoe je meelpap voor de varkens kunt maken. Varkensmeel kan je o.a. in Aveve kopen. Vul de meelpap met wat voedselresten aan, zodat ze dit leren kennen.
  • Start met twee emmers per shift. Iedere maand kan je dit met ongeveer één emmer verhogen totdat je op het einde zes à zeven emmers per beurt geeft. Wanneer er veel voedsel in de eetbakken blijft liggen, geef je te veel. Verminder dan het aantal emmers. Je zal merken dat dit afhankelijk is van varken tot varken en van ras tot ras.
  • Maak steeds de voederbakken leeg voordat je ze vult met nieuw, vers voedsel. Ze zullen de resten niet meer opeten, ook niet als je het mengt met vers voedsel. Je vermijdt op deze manier ook dat het een smerige boel wordt dat begint te stinken.
  • Varkens zijn net zoals mensen. Sommige dingen zullen ze graag eten, andere weer wat minder of niet. Ze kunnen koppig zijn en blijven weigeren dit voedsel te eten. Onze varkens aten niet graag kool en champignons. Met wat slinkse verwerkingstruken – bv. het mengen onder voedsel dat ze wel graag eten, er puree van maken, het in kleine stukjes snijden… – kun je hen dit voedsel wel laten eten.
  • Controleer steeds of er voldoende water is. Zorg dat de waterbak voor minstens de helft gevuld is. Ververs om de paar dagen ook het water.
  • Noteer na iedere voederbeurt in het logboek wat en hoeveel je de varkens gegeven hebt en of je het water ververst hebt. Bekijk hier een voorbeeld van ons logboek.

Verzorgen

  • Het varken waar wij aan denken als we ons een varken voorstellen – het typische roze varkens – brengt normaal zijn hele leven in een stal door en komt niet buiten. Daarom is zijn huid niet gewend aan direct zonlicht. Varkens kunnen net zoals mensen verbranden. Smeer de varkens daarom in met zonnecrème om zonnebrand te voorkomen. Zorg ook dat er voldoende schaduwruimte is voor hen is.
  • Varkens hebben bijna geen zweetklieren. Om af te koelen rollen ze in de modder. Maak daarom een modderpoel voor je varkens. De modder beschermt hen ook tegen parasieten en voorkomt zonnebrand.